Hoofdstuk 2 · De wind leren gebruiken

2.4 Zeilen bedienen

Kies de werkwijze voor het aanwezige systeem

Deze hijsstappen gelden voor een conventioneel grootzeil met grootzeilval en glijders of leuvers. Een rolmast of rolgiek heeft een eigen volgorde en giekhoek. Gebruik de systeemhandleiding; forceer vastlopend doek niet met een lier.

Leg de grootzeilval, grootschoot en fokkenschoten vrij. Controleer of de grootzeilval goed aan de top van het grootzeil vastzit. Houd lijnen uit het water voordat je de motor gebruikt.

Grootzeil hijsen

  1. Kies ruimte en houd de boeg bij de wind om het zeil te ontlasten. Eén persoon blijft sturen.
  2. Ondersteun de giek, maak zeilbanden los en ontlast de grootschoot en giekneerhouder zoals dit tuig vereist.
  3. Hijs terwijl iemand omhoog kijkt. Bij weerstand: stop en zoek naar een vastzittende glijder, riflijn of grootzeilval.
  4. Breng de grootzeilval op de juiste spanning en beleg hem. Zet de giekondersteuning in de vaarstand zodat die de zeilvorm niet optilt.

Rolfok uit- en inrollen

Houd bij uitrollen lichte controle op de rollijn van de fok terwijl je de gekozen fokkenschoot inhaalt. Laat het zeil niet ongecontroleerd openklappen. Ontlast bij inrollen de fok en houd lichte tegendruk op de fokkenschoot voor een nette rol. Stop bij onverwacht zware weerstand.

Borg de rollijn van de fok en de fokkenschoten tegen opnieuw uitrollen. Gedeeltelijk ingerold varen kan alleen als zeil en systeem geschikt zijn om te reven.

Strijken

Ontlast het grootzeil en ondersteun de giek. Vier de grootzeilval gecontroleerd terwijl iemand het doek opvangt. Zet het zeil met banden vast en berg de grootzeilval op. Houd doek en lijnen uit het water en voorkom dat de giek na afloop vrij heen en weer slaat.

Bronnen en verdere uitleg:

Seldén · tuigage, zeilbediening en reven (PDF)

Geraadpleegd op 7 september 2026. Bedieningsdetails hangen af van de aanwezige uitrusting. De voorbeelden zijn oefensituaties.