Hoofdstuk 6 · Samen veilig varen

6.2 Noodsituaties aanpakken

Man overboord: houd de persoon in zicht

  1. Roep ‘Man overboord’ en wijs de zijde aan. Laat één persoon uitsluitend blijven wijzen en kijken.
  2. Werp direct drijfhulp en markeer de positie met de MOB-knop indien beschikbaar. Die positie vervangt het blijven kijken niet.
  3. Laat hulp alarmeren via de noodoproep. Laat iemand de boot bedienen; spring niet onvoorbereid zelf in het water.
  4. Voer de vooraf op dit jacht geoefende terugkeermanoeuvre uit. Houd de drenkeling en lijnen vrij van de schroef.
  5. Neem bij het bereiken van de persoon de voortstuwing weg; zet de motor uit als dat veilig kan. Gebruik het voorbereide middel om iemand aan boord te krijgen.

Een vermoeide of bewusteloze persoon kan niet zelf de zwemtrap op. Leg vóór vertrek vast hoe je iemand zonder diens hulp uit het water krijgt en oefen met een dummy. Laat na redding de toestand beoordelen en volg de aanwijzingen van hulpverleners.

Motor valt uit

Laat iemand sturen en kijken waarheen de boot drijft. Kies direct ruimte of een veilige ankerplek als die bereikbaar en toegestaan is. Houd ankerlijnen uit de schroef. Onderzoek pas daarna vanuit een beheerste situatie de storing.

Bij direct gevaar voor mensen of schip: alarmeer. Ligt de boot veilig en is er alleen pech, regel passende assistentie. Een motorstoring vlak voor een strekdam kan snel een noodsituatie worden.

Vastgelopen

Neem gas terug en stop met doorduwen. Controleer mensen, bilge en romp op water binnenboord. Bepaal positie, bodem en beschikbare diepte rond de boot. Laat bij golfslag, helling of mogelijke schade hulp adviseren voordat je probeert los te komen.

Ga niet overboord om te duwen op onbekende bodem of bij draaiende motor. Controleer na loskomen opnieuw op lekkage; schade kan pas dan zichtbaar worden.

Brand

Roep brand, laat alarmeren en verzamel de bemanning op een veilige plek met reddingsvesten. Houd een vluchtweg vrij. Sluit brandstof of stroom alleen af als dat zonder blootstelling kan.

Open een brandende motorruimte niet helemaal: extra lucht kan de brand versterken. Gebruik het voorziene blussysteem of blusgat volgens de instructie. Bestrijd alleen een kleine beginbrand met een geschikt middel als je veilig kunt terugtrekken. Gebruik geen water op brandende brandstof of onder spanning staande apparatuur.

Water binnenboord

Laat pompen en alarmeren als het water snel stijgt. Zoek een bereikbare bron: een lekkende slang, afsluiter of opening. Sluit de betreffende afsluiter indien bekend en veilig bereikbaar. Gebruik passende noodafdichting zonder jezelf in een afgesloten of overstromende ruimte op te sluiten.

Laat één persoon volgen of het peil stijgt of daalt. Blijf niet alleen pompen terwijl niemand de positie en beschikbare veilige uitweg bewaakt.

Bronnen en verdere uitleg:

RNLI · man overboord en terughalen (PDF, unit 10) RYA · brand aan boord Kustwacht · nood en assistentie

Geraadpleegd op 7 september 2026. Bedieningsdetails hangen af van de aanwezige uitrusting. De voorbeelden zijn oefensituaties.